Wetsvoorstel jaarrekening op fiscale grondslag uitgesteld
10-04-2008
De wijziging van BW 2 in verband met de mogelijkheid de jaarrekening op te stellen volgens fiscale grondslagen, stond als hamerstuk op donderdag 10 april op de agenda van de Tweede Kamer. Er is echter besloten om het wetsvoorstel (31 136) te bespreken in de week van 21 april.
“De accountantspraktijk kan vanaf nu gebruik maken van deze mogelijkheid bij het opstellen van de jaarrekeningen 2007. Zo kan nog een aanzienlijk deel van de beoogde lastenverlichting in dit jaar worden gerealiseerd”, aldus Minister Hirsch Ballin van Justitie. De Minister heeft inmiddels al schriftelijk antwoord gegeven op alle vragen van Kamerleden. Daarbij is onder meer uitgebreid ingegaan op gevolgen voor de administratieve lasten.
De leden van de CDA-fractie merken op dat de regering aangeeft dat de mogelijkheid om de vennootschappelijke en fiscale jaarrekening als het ware te laten samenvallen een besparing kan oplevering van € 632 miljoen. Toch valt het deze leden op dat zowel het NIVRA als de NOvAA vraagtekens bij de beoogde administratieve lasten zet. Deze leden vragen hoe de kritiek van het NIVRA en de Orde zich verhoudt tot de rapportage van Actal.
De Minister antwoord daarop dat de daadwerkelijke administratieve lastenverlichting mede afhankelijk zal zijn van de mate waarin accountantsorganisaties de efficiencywinst die zij boeken door de mogelijkheid van het opstellen van de jaarrekening op fiscale grondslagen – mede met behulp van de Nederlandse XBRLtaxonomie – doorgeven aan hun klanten. Een groot aantal van hen heeft de verplichting daartoe op zich genomen in het eerdergenoemde convenant. Een aantal accountantsorganisaties met een klantenkring in het MKB heeft hun diensten en organisatie zo ingericht (of is daarmee bezig) dat zij deze voordelen ook daadwerkelijk kunnen realiseren voor hun klanten. NIVRA en NOvAA spelen als convenantspartner een belangrijke rol in het stimuleren en faciliteren van deze veranderingen bij hun leden. In dit licht zijn de kanttekeningen die zij plaatsen bij de mogelijke besparingen die dit wetsvoorstel kan genereren, moeilijk te begrijpen.
De leden van de PvdA-fractie hebben vragen naar aanleiding van de haalbaarheid van de beoogde kostenbesparing van € 400 miljoen. Zij baseren zich daarbij op een artikel van professor Vergoossen in het Financiële Dagblad van 12 juni jl. en een reactie daarop in dezelfde krant van 12 juli jl. van mr. Van der Meij en drs. Van Capelle. De leden vragen of de regering in kan gaan op de opmerkingen van genoemde auteurs. Zij zijn vooral geïnteresseerd in de reactie van de regering op de opmerking van professor Vergoossen dat kleine ondernemingen bij het opstellen van de commerciële jaarrekening immers doorgaans al kiezen voor de grondslagen die zij moeten hanteren bij het bepalen van de belastbare winst.
De Minister antwoord op deze vragen dat de premisse van de overheid is dat kleine rechtspersonen voldoen aan wet- en regelgeving. Momenteel is het niet toegestaan om op grond van titel 9 boek 2 BW voor fiscale grondslagen te kiezen. Deze mogelijkheid wordt door het onderhavige wetsvoorstel wel geboden. Dit betekent concreet dat rechtspersonen na inwerkingtreding van het wetsvoorstel met ingang van boekjaar 2007 gebruik kunnen maken van informatie die veelal reeds voorhanden is voor de opgestelde fiscale winstaangifte en dat daarmee een administratieve lastenverlichting wordt behaald.
De wijziging is van kracht vanaf 1 januari 2007. Klik hier voor de gehele nota naar aanleiding van het verslag.
Bron: Agenda Tweede Kamer d.d. 10 april en vergaderstuk 31 136




